Voorbeelden van het gebruik van Boom in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
De gegevens opslaan binnen de generieke boom met 100 knooppunten van de SDT270.
Hij groeit aan een boom, net als de aan hem verwante appel!
De boom is naar schatting tussen de 3000 en 3500 jaar oud.
Boom Boom, heb je vandaag wel getraind?
Boom sap wordt gevoed land
Was Boom Boom zijn broer hier vaak?
Elke boom die geen goed fruit geeft… wordt omgehakt en verbrand.
Geen boom, geen vogel, geen grassprietje.
Het staat in de boom, hoog daarboven.
Ik ben onder de boom in slaap gevallen.
Kerstman heeft al een tijd geen boom geklommen.
Ik ben Leo Wong, en ik zeg," boom.
Gewest Rupel, omvattende de gemeenten Boom, Niel en Rumst.
En jij zit helemaal alleen… naast een boom?
Hij plakt een valse foto op de achterkant, boom!
Nee Mike, het is niet dezelfde boom.
Dus zo is hij in die boom beland?
Om dan te zeggen dat ze niet mogen snoepen van de Boom der Kennis.
Je miste de auto van de verdachte maar raakte de boom.