Voorbeelden van het gebruik van Je baas in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Volgende week laat ik onze nieuwste paperclips aan je baas zien.
En we hebben jou aan de juiste kant nodig. En je baas ook.
Je baas wil dat je me helpt.
Ik ben nog steeds je baas, liefje, blog of geen blog.
Zeker tien keer zoveel waard als de coke van je baas.
Je baas liet mijn onderzoek stil leggen.
Nee, boodschappenjongen. Ik heb het tegen je baas.
Ik ben je vriend en je baas.
Je baas laat de voering voor me maken.
Is ze je partner of je baas?
Je baas zei dat.
Je baas lijkt alles te weten.
Is zij je baas?
Je baas moet echt van haar werk houden.
Nu ben ik je baas.
Vertel me over… je baas.
Het maakt niet uit, vooral omdat je baas er ook niet is.
Hoe dan ook, je baas.