Voorbeelden van het gebruik van Joh in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Dat is goed nieuws, joh.
Wakker worden, joh.
Treiter me niet, joh!
Goeie tip, joh.
Dit is mode, joh.
Ach ja, lul me maar in een coma, joh.
je hier nog op school zat, joh.
Joh, van dat gif kwijlt ze alsof.
Sorry, joh. Ik bedoelde het niet zo.
Joh, dit is niet van jou,!
Joh, dit is echt treurig.
Hé joh, blijf bij ons.
En ik zei,'Joh, dit nummer betekent veel voor mij.
Joh, dit maakt me echt trots.
Joh, je zou Ellis zijn kantoor eens moeten zien.
Joh, je ziet er verdomd fantastisch uit.
Joh. Ik geef dit maar aan jou. Jij bent de langste.
Ik weet het joh, dat is nou eenmaal de wet.
Joh, we hebben ze lens geslagen.
Nee joh, niet voor mij, die gaat-ie verkopen.