Voorbeelden van het gebruik van Weet jij in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Reid, weet jij wat niet-lokale interactie is?
Wat weet jij nou van me?
Weet jij iets af van de liefde?
Weet jij waar Jane is?
Hoe weet jij van mijn geheime handdruk af?
Weet jij dat Olivia een stal heeft?
Munrow, weet jij een goed feest waar we kunnen binnenvallen?
Weet jij nog waarom?
Hoe weet jij wanneer een kus een liefdeskus is?
Hoe weet jij wat ze gewild had?
Weet jij iets over een dak repareren?
Weet jij toevallig waar je vriendje dat pistool heeft?
Wat weet jij van zaken?
Weet jij hier meer van?
Dat weet jij, Lex… want jij hebt het van hem gestolen!
Weet jij nog je eerste melding?
Weet jij niks van financiën?
Daar weet jij alles van, of niet?
Hoe weet jij of ik de dingen niet wat versnel?
Hoe weet jij mijn naam?