Voorbeelden van het gebruik van Afschrikken in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
En ik weet ook dat Kaukasische vrouwen je afschrikken.
Laat Bigfoot je niet afschrikken.
Dit zal de inbreker meteen afschrikken.
Ze hopen dat een rechtszaak andere activisten zal afschrikken.
Laat het idee van het maken van een infographic je niet afschrikken.
Vijf slechte rekruteringspraktijken die talent afschrikken.
Zal dit dan geen klanten afschrikken?
Maar laat dat je niet afschrikken.
En laat haar je niet afschrikken.
Zowat elk pikant materiaal zal konijnen afschrikken.
Vijf slechte rekruteringspraktijken die talent afschrikken.
Laat het campingdeel je niet afschrikken.
uitbreiding je niet afschrikken.
Laat de rimpels je niet afschrikken.
laat je niet afschrikken.
Laat dat je niet afschrikken.
ons er niet door laten afschrikken.
Laat het woord ‘technisch' je niet afschrikken.
Kom op nou, laat mijn lichaamsomvang jullie niet afschrikken.
Laat je niet afschrikken door een iets andere textuur.