Voorbeelden van het gebruik van Snuffelen in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Ik vond Lyman aan het snuffelen in jouw zwarte laptop.
Niet in mijn spullen snuffelen!
We zijn aan het snuffelen.
Dat hoorde ik, laat hem snuffelen.
dan een ander) snuffelen ammonia.
Laat haar eerst aan je hand snuffelen.
Ehm, hij is… niet zozeer aan het praten, snuffelen zou.
Wat is het plan, als dat varken terug komt snuffelen?
Je ziet ook nooit mensen aan elkaars kont snuffelen.
Hij was in mijn bureau aan het snuffelen.
In mijn verdediging ik was niet echt snuffelen….
Laat je hond maar aan één hand snuffelen.
De honden die naar bommen snuffelen op de luchthaven?
Nadat ik met Lily had gepraat, zag ik haar door Serena's badkamer snuffelen.
Zij heeft recht op privacy, maar jullie mogen in mijn spullen snuffelen?
Ik kwam er onlangs pas achter dat Quincy aan het snuffelen was.
In m'n leven snuffelen.
Laat het konijn eenvoudig aan je snuffelen.
Louche types die door mijn spullen snuffelen.
Gauw buiten adem en veel snuffelen omdat je neus gaat lopen.