DEN TYPEN - vertaling in Nederlands

hem
er
die vent
typ
kerl
mann
die man
typ
kerl
dieser mann
die kerel
typ
kerl
mann
junge
bursche
die gast
typ
kerl
junge
mann
nigga
nigger
wichser
die jongen
junge
typ
kerl
kleine
mann
bursche
bengel
dieses kind
knaben
die gozer
typ
kerl
junge
mann
wichser
idiot
die jongens
diese jungs
diese typen
jungen
diese kerle
diese leute
diese männer
burschen
diese kinder
diese kids
die jungs
de mannen
leute
mann
die kerle
menschen
typen
die knul
junge
kerl
kleine
typ
dieses kind
bursche
mann
bengel
degene die

Voorbeelden van het gebruik van Den typen in het Duits en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Ecclesiastic category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Computer category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
Siehst du den Typen an der Bar?
Zie je die jongen aan de bar?
Du hättest den Typen fast umgebracht.
Je had die gast bijna vermoord.
Wie konntest du den Typen umbringen?
Hoe kon je die man vermoorden?
Siehst du den Typen dort?
Zie je die kerel daar?
Ich kenn den Typen schon seit unserer Kindheit.
Ik ken hem al sinds m'n jeugd.
Siehst du den Typen immer noch?
Zie je die vent nog steeds?
Ich hing mit den Typen von der Band ab, wir spielten Karten.
Ik was aan het rondhangen met de mannen van de band, aan het kaarten.
Siehst du den Typen da?
Zie je die gozer daar?
Hat jemand den Typen im Boot bemerkt?
Heeft iemand die gast in de boot opgemerkt?
Ich dachte an den Typen, der erschossen worden war.
Ik dacht aan die jongen die hier werd gedood.
Bei den Typen musst du's bringen.
Bij die jongens moet je van goeden huize komen.
Siehst du den Typen da? Warum?
Zie je die man daar? Waarom?
Wir haben den Typen gestern auf dem Jahrmarkt gesehen.
We hebben die kerel gisteren gezien op de kermis.
Ich meinte, wir müssen den Typen aufhalten! -So clever.
Ik bedoel dat we hem moeten tegenhouden.-Zo slim.
Die Freundin meines Bruders kennt den Typen.
Mijn broers vriendin kent die vent.
Hast du den Typen gefunden?
Heb je die gast gevonden?
Siehst du den Typen da?
Zie je die jongen daar?
Ich wollte den Typen nicht töten.
Ik wilde die man niet doden.
ich habe den Typen vier Jahre nicht gesehen.
maar ik heb die gozer in geen vier jaar meer gezien.
Wohin bringen sie den Typen? Wo…?
Waar brengen ze die knul heen?
Uitslagen: 1176, Tijd: 0.0504

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Duits - Nederlands