Voorbeelden van het gebruik van Auto gestolen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Hebben jullie echt een auto gestolen?
Ik heb nog nooit een auto gestolen.
Ik heb een auto gestolen.
Weet je al een naam van de jongen die de auto gestolen heeft?
Ze hebben mijn auto gestolen.
Hij had een auto gestolen.
Ik heb geen gepantserde auto gestolen.
Je wist dat die auto gestolen was.
heb ik een auto gestolen.
Ze hebben m'n auto gestolen.
Ik heb geen auto gestolen.
Jullie hebben mijn auto gestolen.
Hij heeft geen auto gestolen of speelhol beroofd.
Ze hebben mijn auto gestolen.
Trey is ouder dan 18, had de auto gestolen.
Je hebt m'n auto gestolen.
Nee, een auto gestolen.
Haar vriendje heeft mijn auto gestolen.
We hebben een auto gestolen.
We hebben een auto gestolen.