Voorbeelden van het gebruik van Begreep het in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik begreep het zelf nog niet echt….
Je begreep het toch.
Niemand begreep het.
Hij begreep het niet. Hij….
Omdat je hem afkocht. Hij begreep het.
Jij begreep het.
Ik begreep het niet helemaal.
Jij begreep het toch ook!
Hij begreep het niet.
Ik begreep het pas toen ik Lisa ontmoette.
Toen ik hem vertelde hoe overstuur ik dacht dat jij was. Hij begreep het, uh.
Je begreep het toch?
Ik begreep het ook niet.
Getver, Willie. Je begreep het toch niet?
Want ik begreep het evenmin.
M'n moeder begreep het.
Ik begreep het niet, Bobby.
Jij was natuurlijk teleurgesteld, maar je begreep het.