Voorbeelden van het gebruik van Geef mij in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Geef mij een glimlach.
Geef mij de lepel!
Geef mij even een momentje met haar.
Parijs, geef mij zijn tenen.
Geef mij eens.
Nee, maar geef mij een kans.
Geef mij dat.
Geef mij maar Bird Streets
Geef mij daar een baan.
Dan zijn we eindelijk gelijk. Geef mij al het verdriet van de wereld.
Geef mij een zeetong en een Badoit.
Geef mij al jou klanten.
Geef mij die arm.
Geef mij je tas maar.
Geef mij niet de schuld, Michael.
Geef mij niet de schuld.
Geef mij die bewijzen maar.
Geef mij maar moordzaken.
Geef mij de papieren voor de verklaring.
Geef mij een wapen die echt pijn doet.