Voorbeelden van het gebruik van Gewoon dingen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Jij krijgt gewoon dingen voor elkaar.
We kunnen gewoon dingen herbenoemen.
Ik weet gewoon dingen.
Ik doe gewoon dingen.
Soms zeg ik gewoon dingen.
Weet je, ik doe gewoon dingen.
Ik knip gewoon dingen uit.
Ik weet gewoon dingen, oké?
Ik zeg gewoon dingen zonder erover na te denken.
Je weet gewoon dingen?
Of wilt u gewoon dingen slopen?
We bespreken hier gewoon dingen. Wat?
Noem je gewoon dingen met stippen?
Ik moet gewoon dingen doen.
Het zijn gewoon dingen. Dank je.
We hebben gewoon dingen gemeen.
Gewoon dingen.
Ik heb gewoon dingen gehoord.
En hij zei;"hé, dat zijn gewoon dingen, Audry.