Voorbeelden van het gebruik van Het zien in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik neem aan dat het zien van je eigen dood dat met je kan doen.
Het zien van Roy als dit doet me denken aan Barry.
Ik wil het ook zien.
Mensen moeten het zien.
We zullen het zien.
Til me op, dan kan ik het zien.
Ik heb het zien gebeuren.
Je kunt het niet zien.
Ik kan het zien, je bent niet bang.
Je zult het zien, Cornelia.
Ik heb het je zien doen.
Wat het zien waar je gaat een beetje lastig maakt.
Alleen al het zien van die trappen opnieuw, doet me zeer.
Hij wil het niet zien.
Heb je het zien gebeuren?
Kan je het niet zien vanuit het casino?
Ik kan het niet zien.
Je zal het zien, Raymond.
Ik heb het zien gebeuren.
Ik wil het helemaal zien, hoe je les geeft.