NU ZEG - vertaling in Duits

jetzt sage
nu zeggen
nu vertellen
ga vertellen
nou zeggen
vertel
echt zeggen
dan zeggen
nun sage
nu zeggen
nu vertellen
dan zeggen
nou , vertel
jetzt erzählst
nu vertellen
nu zeg
vertel
jetzt rede
nu praten
nu hebben
nu spreken
nu bespreken
klaar om te praten
gerade sage
net zeggen
net vertellen
juist zeggen
nu zegt
even zeggen
gaan zeggen
jetzt sagst
nu zeggen
nu vertellen
ga vertellen
nou zeggen
vertel
echt zeggen
dan zeggen
jetzt sagen
nu zeggen
nu vertellen
ga vertellen
nou zeggen
vertel
echt zeggen
dan zeggen
nun sagst
nu zeggen
nu vertellen
dan zeggen
nou , vertel
jetzt sagt
nu zeggen
nu vertellen
ga vertellen
nou zeggen
vertel
echt zeggen
dan zeggen
jetzt erzählen
nu vertellen
nu zeg
vertel
nun sagen
nu zeggen
nu vertellen
dan zeggen
nou , vertel

Voorbeelden van het gebruik van Nu zeg in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Ecclesiastic category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Computer category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
Nu zeg ik dit.
Jetzt sage ich Folgendes.
Nu zeg je:"Mijn vader is weg.
Jetzt sagen sie"Mein Vater ist weg.
En nu zeg je mij, dat dat allemaal verloren is?
Und nun sagst du, dass alles verloren ist?
Nu zeg je van niet.
Jetzt sagst du, teilt euch kein Zimmer.
En nu zeg je.
Und jetzt sagt Ihr.
En nu zeg je dat de FDIC me nee verkoopt?
Und jetzt erzählen Sie mir, die FDIC wird das nicht genehmigen?
Nu zeg ik:'Hocus pocus.
Jetzt sage ich: Hokuspokus.
Je bent mijn kroongetuige en nu zeg je dat je steeds gelogen hebt.
Sie waren meine Hauptzeugin und nun sagen Sie, dass Sie die ganze Zeit gelogen haben.
En nu zeg je 't tegen mij.
Und jetzt sagen Sie es mir.
Nu zeg je zoiets als: Vergeef me, Vader,
Nun sagst du so was wie:"Vergib mir,
Nu zeg jij van niet. Hij zei ja.
Jetzt sagst du, das hat er nicht. Ja.
En nu zeg je tegen mij… het is allemaal voorbij!
Und jetzt sagt ihr mir, alles wäre vorbei!
Nu zeg ik sabotage.
Jetzt sage ich.
Nu zeg je dat hij de hele tijd al in de stad is?
Jetzt sagen Sie mir, er war die ganze Zeit in der Stadt?
En nu zeg je me dat het tegenovergestelde waar is?
Und nun sagen Sie mir, das Gegenteil sei wahr?
Nu zeg je de waarheid.
Jetzt sagst du ihm die Wahrheit.
En nu zeg je tegen me dat ik het helemaal niet heb gedaan.
Und nun sagst du mir, dass ich all das nie war.
Jullie zijn mijn kinderen, en nu zeg je.
Erst sagt ihr, ihr seid meine Kinder, und jetzt sagt ihr.
Maar nu zeg ik het ook.
Aber jetzt sage ich es.
Nu zeg jij je ding.
Jetzt sagen Sie es.
Uitslagen: 227, Tijd: 0.0502

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Nederlands - Duits