Voorbeelden van het gebruik van Eerlijk in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Eerlijk gezegd was het een luchador.
We horen eerlijk te zijn.
Alles is eerlijk in Liefde en Oorlog.
Je zult eerlijk behandeld worden.
Ik kan eerlijk zijn. Nee, nee, nee.
Adam, mag ik eerlijk tegen je zijn?
Eerlijk antwoord. Ik wil gewoon dat.
Ik kan enkel eerlijk zijn met jou, Martin.
Om je eerlijk te zeggen: ik weet het niet.
Als ik je eerlijk kan passeren, zal ik dat doen.
Ik wil eerlijk zijn en alles vertellen.
Dat is niet eerlijk, Dr. Rojas.
En dat is niet eerlijk tegenover haar of haar familie.
Je bent niet eerlijk geweest tegen me.
Ik wil gewoon eerlijk zijn.
Eerlijk antwoord. Ik wil gewoon dat.
Dus laten we eerlijk zijn tegen elkaar.
Eerlijk gezegd is de Black Kirk bezoeken.
Alles is eerlijk in liefde, oorlog en poker.
Het was niet eerlijk en ik overreageerde.