Voorbeelden van het gebruik van Hopen in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Oh, en hopen dat hij niets zou merken?
Mensen hopen samen de fouten in hun leven.
We hopen dat ze hoge ogen gooit, vooral ik.
We hopen dat jij ons helpt hem te redden.
Jaar hopen en wachten. Einde.
Interne of blind hopen, vaak met pijn in de rug.
We hopen dat het u niet overkomt.
We hopen dat jij dat bent.
Ik zal kwaden over hen hopen; Mijn pijlen zal Ik op hen verschieten.
En hopen dat de gezonde mensen niet ziek worden.
Blijf ik hopen of niet?
We bleven hopen dat hij terug zou komen.
Twee hopen van verschillende hoogte met een persoon er tussen in.
Goed idee. Hopen dat ze kan.
We hopen in de lente Maud en Gloucester te verslaan.
Lk blijf hopen dat die op DVD uitkomen.
Moet ik blijven hopen of niet?
Nu is het hopen dat de accu's het overleefd hebben.
Deuteronomy 32:23 Ik zal kwaden over hen hopen;
Laten we dan wel hopen dat m'n laarzen makkelijk uitgaan.