Voorbeelden van het gebruik van Uitleggen in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Iemand moet ze het uitleggen.
Tommy, ik kan alles uitleggen.
Het uitleggen van dromen is Gods zaak,' zei Jozef.
U ging uitleggen waarom wij aan dit project meewerken.
U had het kunnen uitleggen.
Dr Manning was het net aan het uitleggen.
Ik zal je uitleggen wat we nodig hebben.
Maakt van haar een geweldig leuke reis vriend en haar het horen uitleggen interesseert me.
ook uitleggen.
Maar ik laat Jimmy het uitleggen.
Het uitleggen van de droom in een later stadium is minder urgent.
Kun je dat uitleggen aan ons?
Ga zitten, ik zal alles uitleggen bij een slaapmutsje.
Ik ben je niks aan eht uitleggen.
Ongetwijfeld kun jij me uitleggen wat hier is gebeurd.
Vader, hij kan geweldig uitleggen.
Je kunt"het dichtste bij" hier op tenminste vier manieren uitleggen.
Ik zal u alles uitleggen.
Het is verantwoordelijk voor het uitleggen en toepassen van de Europese verdragen.
Ga jij mij uitleggen wat theater is?