Voorbeelden van het gebruik van Afslaan in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
We gebruikten een goedkope afslaan verkocht bij een lokale hardware winkel.
Aangezien ik, niet meer afslaan en dus onmogelijk om te verdwalen.
Hier afslaan, daar staat het bord.
maar ik moet het afslaan.
ik ben bang dat ik het moet afslaan.
Ik wist wel dat je mijn uitdaging niet kon afslaan.
Verleidelijk, maar ik moet het afslaan.
Als je ouder bent… moet je de vrouwen van je afslaan.
Maar ik moet het afslaan.
David, we moeten ergens afslaan.
Pardon, kunnen we naar Park afslaan?
ik denk dat ik het ga afslaan.
ik moet de uitnodiging afslaan.
dan is het sowieso moeilijk afslaan.
Ik kan dit niet eervol afslaan.
En ik moet het met alle respect afslaan.
Helaas moet ik het afslaan.
Ik moet dit zeer aantrekkelijke aanbod afslaan.
het aanbod maar ik moet het afslaan.
maar ik moet het afslaan.