Voorbeelden van het gebruik van Hij zit in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Hij zit hierachter.
Hij zit in m'n hoofd.
Rudy Holling, hij zit al een jaar in Spanje.
Hij zit in een ander spiritueel toestel.
Hij zit ons waarschijnlijk ergens uit te lachen op dit moment.
Hij zit in de bar van Penzion Slezska.
Hij zit veel in MacArthur Park… en kijkt naar de oude schakende mannen.
Hij zit in mijn reet.
Hij zit al in die box voor drie maanden.
Hij zit in het complot.
Hij zit in de problemen.
Hij zit in Buenos Aires
Hij zit waarschijnlijk gewoon ergens met een kater.
Hij zit te praten met twee van mijn collega's.
Hij zit hier.
Hij zit veel in Colombia.
Hij zit op m'n bureau.
Hij zit al jaren in de familie,
Hij zit in de financiële wereld.
Hij zit in de problemen.