Voorbeelden van het gebruik van Zit in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Hierin zit het geheim van het krijgshaftig karakter van het Duitse volk.”.
Ik zit net, lieverd.
Ariel zit hier en ze zegt
Hij zit in een cel. Ik laat hem gaan
Aan de andere kant zit de schakelaar voor handmatige of automatische scherpstelling.
Je zit net.
Ik zit net.
Aan de rechterkant van het objectief zit de schakelaar voor de verschillende scherpstelstanden.
Op alle producten van Bruneau zit een gratis waarborg van minimaal twee jaar.
Dan zit je daar.
Hier in deze kist zit een kooi met honderden hongerige vrouwelijke muggen.
Als je hier zit eet je alleen maar.
Maar zij moest de Spanjaarden overwinnen, en ik zit met Blair Waldorf.
Hoe komt het dat u nu hier zit?
je niet in 'n team zit.
Ze zit op karate, het is niet beledigend.
Het spook zit in een antieke doos en komt met een echtheidscertificaat.
En dus zit er iemand in de gevangenis?
Dat zit wel goed bij deze bank.
Mama, wat zit je te neuzen in onze dingen?