Voorbeelden van het gebruik van Inspecteur in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Inspecteur Verna Hollander, graag.
Inspecteur Smith, u hebt m'n cliënt zomaar gearresteerd.
Watson, geeft de inspecteur wat hij zo duidelijk wil.
Bij inspecteur Wuornos.
Inspecteur Andes neemt de zaak over.
Ik wil inspecteur Reid spreken.
Inspecteur Vargas.
Inspecteur Andrew Bogomil werd op klaarlichte dag neergeschoten.
Zelfs de inspecteur, die zei dat hij ons zou beschermen.
Een inspecteur of een waarnemer van de uitvoering van zijn of haar taak weerhouden;
Ik wist dat een echte inspecteur nooit zo tegen mij zou spreken.
Inspecteur Stanhope.
Inspecteur Stanhope, politie.
Inspecteur Perez van de Shetland Politie.
Ik probeerde Inspecteur Brand te bellen maar ik kreeg een boodschap in het Duits.
Wat doet inspecteur Tanner hier?
Inspecteur Shah en ik zijn er nu naar opzoek.
Inspecteur, ik heb het hier naar mijn zin.
Ik moet inspecteur Mills spreken.
Zouden we Sara en Inspecteur Lance over haar moeten vertellen?