Voorbeelden van het gebruik van Jij getrouwd in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Je zegt dat alleen maar omdat je denkt dat jij getrouwd bent.
Zijn juf Elvis en jij getrouwd?
Eigenlijk, wilde ik je iets vragen over toen jij getrouwd was.
Gayu, ben jij getrouwd?
Izabelle, ben jij getrouwd?
Lambert… ben jij getrouwd?
Ronald Tuler van Tuler Motors, ben jij getrouwd?
Ben jij getrouwd?
Ben jij ooit getrouwd geweest, sheriff?
Daarom ben jij niet getrouwd.
Wacht tot jij getrouwd bent.
Ben jij getrouwd?
Was jij ooit getrouwd?
Ben jij getrouwd?
Was jij getrouwd?
Als jij getrouwd en verhuisd bent
Als mama en jij getrouwd zijn, hoe moeten we je dan gaan noemen?
Hoelang ben jij getrouwd?
Jij getrouwd?