Voorbeelden van het gebruik van Noem je in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Hoe noem je deze dingen?
Oh, noem je het zo als je chefs en beroemdheden interviewt?
Noem je die toilet schoon?
Waarom noem je me Pytor?
Hoe noem je dat in Engeland?
Waarom noem je de nul niet?
Noem je dit afstand nemen?
Noem je dat zo, als je op je eigen piloten schiet?
Noem je speellijst.
Als we langsrijden, noem je 't altijd je droomhuis.
Noem je dat zo als je iemand erin luist van plagiaat, hun hen carrière afneemt?
Noem je weer mijn naam.
Noem je dat werken?
Noem je dat werken?
Noem je voorwaarden.
Waarom noem je mijn naam?
Wie noem je een rat?
Hoe noem je mij?
Noem je dat heerlijk?
Noem je dat dansen?