Voorbeelden van het gebruik van Opbiechten in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Michaël, wil je je geheimen en zondes opbiechten aan mij?
Ik ga je moeder opbiechten wat jij niet kon.
Je moet opbiechten wat je gedaan hebt.
Je moet het opbiechten, of ik zal het voor jou doen.
Ik had moeten opbiechten dat Bender me doof had gemaakt.
Ik moet iets opbiechten. Ik wilde beroemd zijn.
Alles opbiechten aan m'n vrouw.
Ik moet iets opbiechten, ik zal ervan gaan genieten.
Wat opbiechten?
Luister ik moet iets opbiechten.
dus ik moet het opbiechten.
Nu gaje het opbiechten.
Ik kwam omdat ik je graag wat wil opbiechten.
Ik geef om je, maar je moet de waarheid opbiechten.
Wil je nog iets opbiechten?
Je moet het aan je zoon opbiechten.
Kom je een nieuwe zonde opbiechten?
en jij gaat wat opbiechten.
Ik moet iets opbiechten.
Dus ik moet alles opbiechten?