Voorbeelden van het gebruik van Te noemen in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
En niet te noemen een mooi paar.
Hierna te noemen de EVA-landen.
Om een paar voorbeelden te noemen.
Oké stop met het een klas te noemen, het is nablijven.
Het is nauwelijks mogelijk om het slapen te noemen.
M'n collega's plegen me ouderwets en zelfs barbaars te noemen.
Ik vroeg je me niet zo te noemen.
Ik wou dat ik je niet had gevraagd om me Janet te noemen.
Ik zei je stop me zo te noemen.
Ik heb je herhaaldelijk gevraagd om me niet zo te noemen.
Ik had je verboden me zo te noemen.
De noemende capaciteit wordt beoordeeld door patiënten te vragen om voorwerpen te noemen.
Hij stond zijn volgelingen toe hem Meester te noemen.
Het is moeilijk om dagelijks in deze kamer te zitten en u Mr Fitz te noemen.
Bij de mensen is het gebruikelijk om het te noemen- osteochondrose van de nek.
Ik heb je al gevraagd me niet Goon te noemen, mijn naam is Rocky.
Hij zei mij hem Donny te noemen.
Hoe vaak moet ik je nou zeggen me geen chef te noemen?
Soms vraag ik haar om mij Kevin te noemen?
Ik zei toch dat je hem niet had moeten toelaten ons homo's te noemen.