Voorbeelden van het gebruik van Bezig ben in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Zie je niet dat ik bezig ben?
Wat? Zie je niet dat ik bezig ben?
Ziet u niet dat ik bezig ben?
Zie je niet dat ik bezig ben?
Zie je niet dat ik bezig ben?
Ik heb je toch gezegd dat ik bezig ben met een artikel, lieve.
Ik zei dat ik bezig ben.
Zeg maar dat ik bezig ben.
Wat moet ik dan zeggen, dat ik bezig ben, of aan het douchen?
Zeg dat ik bezig ben.
Als het lukt, met het account waarmee ik bezig ben, zou dat zeker helpen.
Zie je niet dat ik bezig ben?
Hoe durf je Kan je niet zien dat ik bezig ben?
Zeg dat ik bezig ben.
Zie je niet dat ik bezig ben?
Zeg maar dat ik bezig ben.
Je ziet toch dat ik bezig ben?
Maar niemand bemoeit zich ermee als ik met m'n kinderen bezig ben.
Je ziet toch dat ik bezig ben?
Oh. Ja. Begrijp je dan niet dat ik bezig ben?