Voorbeelden van het gebruik van Dood geweest in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik was bijna dood geweest.
Zonder u was ze nu dood geweest.
Hij was bijna dood geweest.
Hij was bijna dood geweest.
We waren allebei dood geweest.
Volgens de arts was u bijna dood geweest.
Een centimeter hoger en ik had dood geweest.
Ik ben nooit dood geweest.
Door jou waren we bijna dood geweest.
Ja. Je was bijna dood geweest.
Ik was bijna dood geweest.
M'n zoon was bijna dood geweest.
Dan was je nu ook dood geweest.
Anders was jij misschien dood geweest.
Ze was bijna dood geweest.
Ja. Dan was hij dood geweest.
Door mij was hij bijna dood geweest.
Nog een paar uur en ze was dood geweest.