Voorbeelden van het gebruik van Weg geweest in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Je bent een halfuur weg geweest. Wat?
Ik ben maar 'n uur weg geweest.
Ze is gewoon een tijdje weg geweest.
Nee, ik ben niet al die tijd weg geweest.
Regina is drie dagen weg geweest.
Ze zijn nog niet weg geweest.
Hij is nooit weg geweest.
Sindsdien zijn ze niet meer weg geweest.
Je bent gisterenavond toch niet weg geweest?
Zonder mij was u al ver weg geweest.
Ik ben eigenlijk nooit weg geweest.
Ik ben de hele nacht weg geweest.
Je bent meer dan twee uur weg geweest.
Hij is wel heel lang weg geweest.
Ik ben veel weg geweest.
Ik ben tien jaar weg geweest.
Hij is twee jaar weg geweest.
Ik ben een paar weken weg geweest.
Jullie zijn maar 10 min weg geweest.