Voorbeelden van het gebruik van De war in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Soms ben ik in de war.
Ik mag niet naar de War College.
Vergeef me, maar je bent in de war.
Nee, je bent niet in de war.
Gelukkig zijn we allebei in de war.
Ik ben helemaal niet in de war.
Nu is ze, net als wij, in de war.
En je bent overal over in de war.
Je bent helemaal niet in de war, meisje.
Ik weet dat jullie in de war zijn.
Eerst was ze in de war.
Ik ben nogal in de war over alles.
Je bent in de war.
Ik was heel erg in de war.
Hij was ergens over in de war.
Ze leek soms erg in de war.
Voor het geval iemand in de war was.
Ze stuurt het huis in de war, maar dan wel op een mooie manier.
Ik was helemaal in de war en had veel pijn.