Voorbeelden van het gebruik van Het gestolen in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Heb je het gestolen?
Ze hebben het gestolen. Waarom arresteert u ze niet?
Is het gestolen?
Hoe werd het gestolen?
Is het gestolen?
Hij heeft het niet gestolen.
Hebben de Indianen het gestolen?
Een meisje heeft het gestolen.
Van wie heb je het gestolen?
Weet je wat ik ga doen met het gestolen geld?
En kun je zeggen iets over wie het gestolen?
misschien hebben zij het gestolen.
Of misschien heeft iemand het gestolen.
Pita werd vermoord vanwege het gestolen losgeld.
We waren op een missie toen je het gestolen hebt.
Waar hebben ze het gestolen?
Al is het gestolen, we denken toch dat het bij ene J.P. terecht is gekomen.
In geval van diefstal: de terugbetaling van de aankoopprijs van het gestolen goed en in het geval van accidentele schade: