Voorbeelden van het gebruik van David zeide in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Want David zeide: Mijn zoon Salomo is een jongeling
En David zeide tot den priester Achimelech:
En David zeide: Om dezen dorsvloer van u te kopen,
En David zeide tot Jonathan: Zie,
En David zeide tot hem: Uw bloed zij op uw hoofd; want uw mond heeft tegen u getuigd,
Zo zond David tien jongelingen; en David zeide tot de jongelingen: Gaat op naar Karmel,
En David zeide tot den priester Achimelech:
Maar David zeide: Alzo zult gij niet doen,
En David zeide tot Achis: Indien ik nu genade in uw ogen gevonden heb,
En David zeide tot hem: Uw bloed zij op uw hoofd; want uw mond heeft tegen u getuigd,
En David zeide tot hem: Uw bloed zij op uw hoofd; want uw mond heeft tegen u getuigd,
En David zeide tot den priester Achimelech:
En David zeide tot hem: Uw bloed zij op uw hoofd, want uw eigen mond heeft tegen u getuigd,
En David zeide tot hem: Uw bloed zij op uw hoofd; want uw mond heeft tegen u getuigd,
En de koning David zeide tot Ornan: Neen, maar ik zal het zekerlijk kopen voor het volle geld;
Doch David zeide tot Saul: Wie ben ik,
En David zeide tot Salomo: Mijn zoon,
En David zeide tot den priester Achimelech: De koning heeft mij een zaak bevolen, en zeide tot mij: Laat niemand iets van de zaak weten, om dewelke ik u gezonden heb, en die ik u geboden heb; den jongelingen nu heb ik de plaats van zulk een te kennen te kennen gegeven.
En David zeide: Waarheen zal ik optrekken?
En David zeide tot hem: Van waar komt gij?