Voorbeelden van het gebruik van Gaat studeren in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Gescheiden man gaat studeren.
Dus als je geschiedenis gaat studeren, word je geschiedenisdocent.
Je gaat studeren.
Jij gaat studeren.
Mr. Guzman, natuurlijk willen we dat Ana gaat studeren.
Denk je dat iedereen gaat studeren?
Niet als Bud weer gaat studeren.
Je gaat studeren aan de andere kant van de kust.
Mijn zoon Anthony gaat studeren aan West Point.
Jij gaat studeren, hoor ik.
Je gaat studeren.
Hij gaat studeren in de stad Teheran en ontwikkelt zich steeds verder.
Min, een jonge wees gaat studeren bij een befaamd botanist.
Hij is de eerste die gaat studeren.
Het aantal studenten dat naar het buitenland gaat studeren groeit ieder jaar.
Eva heeft een dochter van jouw leeftijd die ook in de herfst gaat studeren.
Dat je weggaat bij RTX en weer gaat studeren is een uitstekend idee.
Is het waar dat je in Londen gaat studeren?
Ze zijn in de 40. Hun zoon gaat studeren.
Parijs, ik hoor dat je in Chicago gaat studeren.