Voorbeelden van het gebruik van Was maar in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Die agentenmoordenaar die we hebben neergeschoten was maar een loopjongen.
Dat was maar een show.
De terugverdientijd was maar een paar maanden.".
De hanger was maar het topje van de ijsberg.
De race verliezen was maar het begin.
Ik weet 't, was maar 'n grapje.
Wat je die avond zag, was maar een deel.
Het was maar een steek, maar misschien is het toen ontstaan.
Dat was maar één slag.
Nee, dat was maar een verhaal die hij voor je verzonnen had.
Dat was maar 'n bladzijde.
Dit was maar 'n waarschuwing.
Beter alles wat er met mij gebeurd was maar een droom!
Het was maar een droom, maar ik raak het niet kwijt.
Halftand verslaan was maar de helft van de strijd.
Morty was maar één van je vele liefjes.
Dit was maar een testdemo.
Het was maar een voorstel.
Jalouzie was maar een van zijn verrukkelijke kwaliteiten.
Ja, maar dat was maar een gesprek.