Voorbeelden van het gebruik van Let jij in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Hé, let jij even op?
Let jij even op Mary?
Let jij op Jess?
Let jij even op 'm, Lorraine? Bitch?
Let jij op mama?
Let jij even op Sergio?
Let jij op de winkel?
Hanneli, let jij een beetje op dat kleine kind?
Ik moet pissen let jij even op?
We gaan wat eten, let jij even op?
Let jij maar op jezelf dan let ik op mezelf.
Let jij op je maagzweren. Ik let op die twee.
Let jij op haar?
Judd, let jij maar op Judd.
Let jij even op Dr Jaquith.
Dan let jij op Devi.
Let jij op ze zolang ik weg ben?
Let jij even op.
Billie, let jij nog maar even op de bel.
Nee, let jij op je taal.