Voorbeelden van het gebruik van Nu doen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Wat moet ik nu doen, Brian?
Vanaf nu doen we wat ik zeg, Ramírez.
dus we moeten gewoon doorgaan met wat we nu doen.
We moeten het nu doen.
Jij zal er schoon vanafkomen, maar je moet het nu doen.
Moeten we dat nu doen?
Zoals we het nu doen, tasten we nog grotendeels in het duister.
Wat ga je nu doen, boogschutter?
Moet je dat nu doen, Tony?
Ik vraag me af wat ze nu doen.
Maar we moeten dit nu doen.
Ik vraag me af wat ze nu doen.
Ik kan het nu doen.
Je moet het nu doen.
Moeten we dit nu doen?
Wat wil je nu doen, Harrid?
Maar alles wat we nu doen is gebaseerd op je vaders visie.
Wat we nu doen is een repetitie.
Wat wij hier nu doen.
Dus, wat wil je nu doen, hè?