Voorbeelden van het gebruik van Vaak weg in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik ben vaak weg.
Ik was vaak weg als jullie me echt nodig hadden.
Ik geef mijn nummer heel vaak weg.
Ze zijn beiden vaak weg.
Ze loopt vaak weg.
We gaan niet vaak weg.
Ik zie hem niet zo veel, hij is vaak weg.
Ze zijn vaak weg.
Ik ben vaak weg.
Wat naar dat hij zo vaak weg is.
Mijn moeder ging vroeger vaak weg.
Maar je moest ook heel vaak weg.
Mijn vader was heel vaak weg.
Volgens Aaron is ze vaak weg.
Mijn vader was vaak weg.
Het is vast moeilijk dat hij zo vaak weg is.
Je komt te laat, je bent vaak weg.
Ik ben vaak weg in de week dan laat ik alles bij de kamermeid achter.
Loop jij vaak weg?
Maar waarom moet je zo vaak weg? Pastoor Greg?