Voorbeelden van het gebruik van Zo weer in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Hij is zo weer op de been.
Ik ben zo weer beneden.
Die man stond zo weer op zijn benen.
Nou, ik deed mijn werk en ik zou het zo weer doen.
Ik zou alles zo weer overdoen.
En als iemand tegen me is, doe ik het zo weer.
We moeten zo weer gaan.
Dat ben je zo weer, als je niet opzout.
We zijn zo weer weg.
Zou ik zo weer doen.
Geen zorgen, we zijn zo weer bij de bulder.… midscheeps en ga overstag.
Ik zou het zo weer doen.
Maar toch zou hij het zo weer doen.
Nee, het was geen duivelse afspraak en ik zou het zo weer doen.
Ik zou het zo weer doen.
Het is zo weer over.
Die is zo weer buiten.
Ze zijn zo weer weg.
Hij is zo weer rijk.
Met mijn stem… ben je zo weer wakker.