Voorbeelden van het gebruik van Waren zij in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Ecclesiastic
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Waar waren zij toen Amerika hun hulp vroeg?
Waren zij onschuldig?
Wie waren zij, kapitein?
Waren zij eerder dan wij?
Waar waren zij?
Waren zij allemaal op het feest?
Waren zij de enige twee buiten?
Die mannen… wat waren zij?
En je eigen mensen? Hoe zuiver waren zij?
als ik omkeek waren zij er.
Werden zij door niets geschapen, of waren zij hunne eigene scheppers?
Als waren zij van robijn en koraal.
Spoedig waren zij bij het station.
Al waren zij Engelschen geweest, dan zouden zij nog hun landgenooten niet verdedigd hebben.
Mijn echte ouders waren zij die mij opvoeden.
Waren zij gezien?
Waren zij er voor je?
Waren zij opzoek naar je vader?
Dat waren zij niet.
