Voorbeelden van het gebruik van Zou dat zijn in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
En wie zou dat zijn?
En wat zou dat zijn?
Wie zou dat zijn?
Wat zou dat zijn?
Wat voor leven zou dat zijn immers?
Zou dat zijn hoe hij mensen weer tot leven gebracht?
Wat zou dat zijn?
Wat zou dat zijn?
En waarom zou dat zijn?
Wie zou dat zijn, Buck?
Nou, wat zou dat zijn dan?
Wat zou dat zijn?
Hoe zou dat zijn?
En wie zou dat zijn?
Wie zou dat zijn?
Toen dacht ik, hoe zou dat zijn?
Als hij naar iemand toe zou gaan, naar wie zou dat zijn?
Maar wat onwijs schattig zou dat zijn.
We hebben ook nog een ander leven hiernaast, hoe zou dat zijn?
hoe mooie zou dat zijn.