Voorbeelden van het gebruik van Duwen in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
We heben een technische fout: 23 voor duwen.
En nu gewoon duwen.
beetje duwen.
Goed, nu duwen.
heeft Samuels het duwen geregeld?
Haak je vingers maar in elkaar en dan hier hard duwen.
Mag ik hem erin duwen?
Bedankt voor het duwen, Carl.
Pestkoppen beginnen altijd met duwen.
Als u Johannes niet bent, help me dan even duwen.
Help 's even duwen.
Duwen we hem naar dieper water?
Duwen met de bovenand, trekken met de onderhand.
Mij duwen. Muiterij.
Duwen elkaar naar grootsheid.
Die duwen het visioen verder.
Wij duwen elkaar. Wij houden van elkaar.
Niet duwen, niet bijten,
En we duwen ze van ons af.
Hij had z'n voet tussen de deur en bleef duwen.