Voorbeelden van het gebruik van Je haten in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Ik kan medelijden hebben, je haten.
Wil je dat de doden je haten?
Dus, liet je mij je haten?
Want, ik bedoel… ze zouden je haten.
Zorgt dat je kinderen je haten.
Ik wil je haten, maar ik kan het niet.
Ik kon je nooit haten.
Hoe kan ik je ooit haten?
Met deze beeldoverdrachten kan je iemand haten of liefhebben.
Waarom kan ik je niet haten?
Degenen die je haten zijn een minderheid.
Hoe kun je toneel haten?
Ik wil je niet haten.
Ik kan je nooit haten.
Ik kon je nooit haten.
Ik kan je niet haten.
Weet je mensen haten mensen die theorieën hebben over mensen.