Voorbeelden van het gebruik van Je zin in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Uiteindelijk zul je trouwen. Misschien zelfs tegen je zin.
Heb je zin om mee te gaan naar Topanga?
Heb je zin in Sichuan?
Ze doet ontzettend haar best om het naar je zin te maken!
Koning zijn is meer dan altijd je zin krijgen.
Heb je zin om iets te gaan drinken?
Heb je zin om te gaan dansen?
Heb je zin… om te dansen?
Heb je zin om vrijdag uit te gaan?
Heb je zin om een reisje te maken?
Heb je zin om wat van mijn werk te horen?
Maak je zin af.
Jij je zin, Ed.
Als je zin hebt om terug te komen,
Jij je zin. Ik ga wel alleen naar huis. Alleen!
Waar heb je zin in?
Heb je zin in iets bijzonders?
Heb je zin in mango?
Je zin afmaakt?
Dank je. Heb je zin in een glas Beaujolais Primeur?