Voorbeelden van het gebruik van Wil jij in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Wil jij dat we het doen of willen de Lansings dat?
In welke taal wil jij onze nieuwsbrief ontvangen?.
En wil jij dit zo gezond mogelijk doen?
Welke kant van het bed wil jij?
Ja. Wil jij je koffie drinken?
Wil jij echt dat risico nemen? Natuurlijk niet.
Waar wil jij nu heen?
Wil jij ook?
Wil jij iets?
Wat wil jij doen?
Ik kan tussen zondag en dinsdag kiezen. Wat wil jij?
Misschien wil jij het zo, maar ik niet.
Tuurlijk. Wil jij naar het feest met mij?
Wil jij soms niet wachten in je grote, nieuwe kantoor?
Wil jij met hem praten?
Wil jij naar muziek komen luisteren?
Wil jij haar voorstellen of zal ik dat doen?
Wil jij meer informatie over Canada als bestemming?
Welke kant van 't bed wil jij?
Wil jij iets van mij?