Voorbeelden van het gebruik van Gaan lopen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Misschien is ie gaan lopen.
We kunnen teruggaan naar de snelweg of gaan lopen.
Luister naar me… Je zult weer gaan lopen, zoon.
De knul is gaan lopen.
Ik heb hem gezien en ben gaan lopen.
Ik wil een eindje gaan lopen.
Wie zegt dat we gaan lopen?
Ik wilde wat gaan lopen.
Dan kunnen we net zo goed gaan lopen.
Zo te zien zullen we moeten gaan lopen.
Tien minuten geleden wou je nog gaan lopen.
Hij is gaan lopen.
Ik ben gaan lopen.
Laten we een eindje gaan lopen.
Vanaf hier gaan we lopen.
Zullen we gewoon gaan lopen?
Zullen we door een bos gaan lopen?
Wacht, ik denk dat je niet moet gaan lopen.
Je zakelijk kant is weer gaan lopen?
Moeten we gaan lopen?