Voorbeelden van het gebruik van Goed joch in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Hij is echt 'n goed joch.
Hij is een goed joch, alleen.
Toby is een goed joch.
Goed joch, maar hij rookt te veel wiet.
Hij was een goed joch voor zover ik heb gehoord.
Een goed joch, maakt geen problemen,
maar het is een goed joch.
Maar het is een goed joch. Ik weet dat het nogal afschuwelijk lijkt.
zijn neefje was een goed joch.- Ed… Het spijt me, meneer.
Maar dit is niet echt hoe ik normaal ben, oké? Je bent een goed joch, maar.
Want hij is echt een goed joch, en ik zou je moeten kunnen helpen.- Dat maakt wel uit.
Het is een ziek joch, goed?
Escobar instrueerde dat joch goed.
Dat joch is goed.
Dat joch is goed.
Dat joch is goed.
Is dat joch zo goed als zijn ouwe heer?
Goed joch.
Je bent een goed joch, maar… Maar dit is niet echt hoe ik normaal ben.
Goed joch, maar hij rookt te veel wiet.- Ja.