Voorbeelden van het gebruik van Leeg in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik wil ze leeg hebben.
De batterijen zijn bijna leeg.
Het is een leeg, onbeschermd huis.
Leeg appartement.
Een leeg souterrain doorzoeken.
kan deze brug maar beter leeg zijn.
Dit huis staat al een hele tijd leeg.
We weten allebei dat hij leeg is.
Het wapen is leeg, Gene.
Leeg zwembad, leegstaand huis, vol biervat.
Voelt zich leeg na een breuk leeg en depressief.
Leeg continent Je bent geisoleerd op een bijna.
Het dievenwoud is leeg.
Mijn woning staat leeg.
Nee, mijn drinkhand is leeg.
Het is bijna leeg.
Ik wil geen leeg graf meer bezoeken.
Leeg sigarettenpakje Ariston.
Je ging leeg met me mee?
Appartement is al leeg.