Voorbeelden van het gebruik van Nog samen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Wauw, dat jullie nog samen zijn.
Hij vroeg of wij nog samen waren.
Jullie zijn nog samen?
Komen jullie nog samen, of niet?
Zijn ze nog samen?
Zijn jullie nog samen?
Werken jullie nog samen?
Als we met een jaar nog samen zijn, zal ik het helemaal vergeten.
We waren net nog samen aan het zingen en lachen.
Het betekent dat we nog samen op vakantie kunnen gaan.
Ik weet niet of ze nog samen zijn, aangezien zij naar de gevangenis ging.
Dat we nog samen moeten werken, verdomd!
En de enige reden waarom jullie nog samen zijn… is omdat er een kind is.
Zijn ze nog samen? En Charlie?
Werken we nog samen?
Werken we nog samen?
Lunchen jullie nog samen?
Toen we nog samen waren, wist ik nooit
Werken jullie nog samen?
Wonen jullie nog samen?