Voorbeelden van het gebruik van Grof in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Dat is grof, man.
Alhoewel een beetje grof.
Wat grof.
Dat is een beetje grof.
Het is grof maar het is effectief.
Jij bent grof, hij brutaal en jullie zijn allebei sociaal onaanvaardbaar.
Niet zo grof in de mond.
Waarom ben je zo grof?
Het is grof.
Hij lijkt oliedom, grof en vijandig.
er aanwijzingen zijn voor illegaal of grof gedrag.
Deze handleiding is grof en in een beginstadium.
Ik was grof met hem.
Dat was behoorlijk grof.
Maar dit brahmāstra is niet grof.
Het klinkt allemaal zo spannend en grof.
Dat doet het een beetje grof klinken.
Wees niet grof.
Hij is gemaakt van grof katoen en wordt gesloten met veters aan de zijkanten.
Is hij grof of politiek incorrect?