Voorbeelden van het gebruik van Gaan wonen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Je kunt niet hier gaan wonen.
En waar gaan we wonen?
Wilson is bij hem gaan wonen en die heeft hele luide teennagels.
Constantine is bij haar familie in Chicago gaan wonen.
Je kunt hier niet gaan wonen.
Nou ja, hij kan bij George gaan wonen.
We kunnen in Marokko gaan wonen.
Hij moest onder zijn krijgers gaan wonen.
Kunnen we opruimen en hier gaan wonen. Wicket? Als hier niemand meer woont,? .
Ik ben weer in Barcelona gaan wonen, waar ik vandaan kom.
Jullie zijn gewoon in het verkeerde huis gaan wonen.
Hij was weer bij z'n ouders gaan wonen.
Ik snap waarom m'n dochter hier is gaan wonen.
Goed. Laten we in Ojai gaan wonen.
Misschien doet hij dat appartement weg als we in de stad gaan wonen.
Maar dat moet ik in San Jose gaan wonen.
Ze zijn allemaal samen gaan wonen en leefden nog lang en gelukkig.
Daarom ben ik niet bij m'n moeder gaan wonen toen ik klein was.
Ze is in Zwitserland gaan wonen.
Hij is drie maanden geleden bij zijn verloofde gaan wonen.