Voorbeelden van het gebruik van Zijn geweest in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Je moet bang zijn geweest.
Lemand moet aan het schoonmaken zijn geweest.
Het kan een luchtembolie zijn geweest.
Hoe zou 't zijn geweest om een kind op te voeden?
waarin er marktordeningen zijn geweest.
Een verhaal over waar we zijn geweest.
Dat moet een veilig gevoel zijn geweest.
Dit toont aan dat veel boeken zijn geweest.
Wat zul je bang zijn geweest.
Ik moet aan slaapwandelen zijn geweest.
Het moet Lucien zijn geweest.
Maar ik kan me niet voorstellen hoe m'n leven zonder hem zou zijn geweest.
En wat de Tarahumara altijd zijn geweest.
Toch is dat niet omdat er nog geen problemen zijn geweest.
Iedereen in de Wifi kunnen we hacken, zodra ze lang genoeg bloodgesteld zijn geweest.
Dus moet er een derde schot zijn geweest.
de teksten van de bijbelse boeken zijn geweest.
Hij moet 't zijn geweest.
Wat zul je bang zijn geweest.
Ik moet dronken zijn geweest.