Voorbeelden van het gebruik van Beter gaan in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Je kunt maar beter gaan, samen met die geniale broer van je.
Je kunt maar beter gaan, Dora.
U kunt maar beter gaan, raadsvrouw!
Je kan maar beter gaan, als je de eerste worp wil zien.
We kunnen maar beter gaan, denk ik.
De dingen konden niet beter gaan aan hun kant.
Oliveiras, je kan nu beter gaan. Zonder je neef.
Dus, we kunnen beter gaan werken aan je draai-glij.
Nou, ik kan beter gaan, zorgen voor Roy's vader.
Je kan beter gaan kijken.
Ik kan maar beter gaan, anders wordt ze boos.
Je kunt beter gaan, Mattie Wise.
Je kunt beter gaan voor ik word ontslagen.
Je kunt maar beter gaan, voordat ik van gedachten verander.
In dit geval kan ik maar beter gaan.
Kunnen maar beter gaan.
Ik kan maar beter gaan.
Ik moet gaan… ik kan maar beter gaan.
Ik kan maar beter gaan.
Dus, ik kan maar beter gaan.